Het project dat aan de oorsprong ligt van deze site en de richtlijnen wordt hier nader toegelicht.
Achtergrondinformatie project
In het najaar 2007 is Dedicon – met financiële steun van het Revalidatiefonds, Stichting Dyslexiefonds – het project “Richtlijnen Dyslexie” gestart.
Dedicon (voorheen FNB) maakt al jaren studiematerialen toegankelijk voor mensen met een leeshandicap. Bestond in het verleden haar klantengroep voornamelijk uit blinden en slechtzienden. De laatste jaren is de groep dyslectici die gebruik maakt van de gesproken studieboeken explosief gestegen.
De omzetting van de studiematerialen naar een toegankelijke leesvorm door Dedicon vindt helaas altijd achteraf plaats. Vanzelfsprekend vraagt de omzetting tijd en veroorzaakt dus vertraging. Een andere trend die gaande is, is dat Dedicon steeds vaker wordt benaderd door scholen, uitgevers en ouders hoe zij schoolmaterialen zelf toegankelijk kunnen maken.
Dit alles vormde voor Dedicon de aanleiding om het project “Richtlijnen Dyslexie” op te zetten. Doel van het project is om de studiematerialen juist bij de bron zo veel mogelijk toegankelijk te maken voor dyslectici. Dit mag echter niet ten koste gaan van de aantrekkelijkheid van het lesmateriaal voor gebruikers zonder leeshandicap.
Plaatje belangrijker dan de inhoud
Het project startte met een inventariserende onderzoek. De hoofdvraag binnen dit onderzoek was te bezien hoe de school- en studiematerialen er tegenwoordig uitzien. Natuurlijk waren er grote verschillen waar te nemen in de presentatievormen van de leer- en werkboeken, de cd-roms en elektronische leeromgevingen (ELO's), de toetsen en de examens. Maar over het algemeen konden we na dit onderzoek concluderen dat de functionele waarden van de lesstof vaak wordt ondergesneeuwd door de esthetische aspecten. Met andere woorden: het plaatje wordt vaak belangrijker dan de inhoud.De eindconclusie was dat niet alleen de dyslectische leerling problemen heeft met de hippe, kleurrijke en snelle vormgeving van het lesmateriaal. Ook de “gewone” scholier wordt in het leesproces gehinderd door de onrustige en regelmatig niet logische presentatie van de studie-informatie.
Groep experts
Voor het project is er een commissie samengesteld bestaande uit prominente vertegenwoordigers van diverse terreinen; van dyslexie-experts en orthopedagogen tot wetenschappers en uitgevers.Deze experts hebben richtlijnen verzameld uit nationale en internationale literatuur.
(via deze link komt u bij het overzicht van alle geraadpleegde literatuur en informatiebronnen)
Uit de verzamelronde volgde een gigantische waslijst van vergelijkbare richtlijnen. Deze zijn vervolgens in verschillende rondes geschift, op waarde ingeschat, gerubriceerd en geherformuleerd. Uiteindelijk is hier een set van 73 richtlijnen ontstaan. Deze worden op deze site gepresenteerd.
Onderzoek onder scholieren
Zoals eerder gesteld zijn de uiteindelijk vastgestelde richtlijnen gebaseerd op nationaal en internationaal onderzoek. Er is voor gekozen om ook in dit project een aantal richtlijnen mee te nemen in een eigen gebruikersonderzoek. Onder een groep van ruim 200 dyslectische scholieren en studenten, in leeftijd variërend van 8 tot 30 jaar, is er een online vragenlijst afgenomen.Ofschoon slechts een kleine selectie van de richtlijnen getoetst kon worden bevestigden de uitkomsten van dit onderzoek het merendeel van de richtlijnen. Met betrekking tot lettertypes, tekstindeling, bladspiegel, gebruik van illustraties en kleur gaven de respondenten blijk van een eenduidig gedeelde voorkeur.
Hybride boek
Naast toetsing van enkele richtlijnen heeft Dedicon in het gebruikersonderzoek ook naar het oordeel van de respondenten gevraagd over het zogenaamde hybride boek.
Dedicon is al enkele jaren bezig met de ontwikkeling van dit type boek. Het hybride boek is een digitaal boek dat je met een speciaal programma op de computer kunt afspelen. Naast presentatie van de tekst op een beeldscherm kun je gelijkertijd en al meelezend de – door een mens – voorgelezen tekst beluisteren. Het meelezen wordt ondersteund door een exact gelijklopende kleurbalk over de tekstregels. Dit meelopen kan verschillend ingesteld worden. Het kan op paragraaf-, zin-, regel- of zelfs op woordnivo ingesteld worden. Ook de kleur van de highlighting en de snelheid van het voorleestempo kan naar eigen believen worden bepaald.
De respondenten maakten in het online onderzoek voor het eerst kennis met een aantal voorbeeldpagina's van een hybride boek.
Dedicon werd enigszins verrast door de bijna unaniem uitgesproken positieve reacties over deze vorm van presentatie. 95% van de respondenten waardeerden deze manier van lezen zeer. Dit werd ondersteund met spontane opmerkingen zoals: “ik kan me beter op de tekst concentreren” of “het leest een stuk rustiger” of “ik begrijp zo veel meer van de tekst”. Ook vroegen een aantal respondenten wanneer zij alle studieboeken op deze manier konden lezen.
Voorbeelden van hybride boeken vind je via deze link.
Begeleidingscommissie
Voor het project is er een begeleidingscommisie samengesteld uit prominente deskundigen op het gebied van dyslexie en lectuur én experts op het gebied van ontwikkeling en productie van studie- en toetsmateriaal. Deze commissie heeft zich met name geconcentreerd op de beoordeling van de voorgelegde richtlijnen. Uiteindelijk staat de commissie volledig achter de uiteindelijk 73 vastgestelde richtlijnen.
De commissie bestond uit:
- Hanneke Wentink
Expertisecentrum Nederlands (EN), Radboud Universiteit Nijmegen; Projectleider 'Interventies bij Leesproblemen en Dyslexie'
Medeauteur van de protocollen leesproblemen en dyslexie, werkgroeplid van Masterplan Dyslexie - Koos Henneman
Advies & Scholing Dyslexie, Amsterdam; Onderwijsconsulent, werkgroeplid van Masterplan Dyslexie - Marion van der Meulen
Beleidsadviseur (dyslexie) uitgeverij Zwijsen en afgevaardigde van de GEU (Groep Educatieve Uitgeverijen) - Marleen van de Lubbe
Cito, productgroepmanager Leerling- en onderwijsvolgsystemen - Nanda Geuzebroek
Openbare Bibliotheken, projectleider Makkelijk Lezen Pleinen - Ans van Berkel
VU Amsterdam, docent leerproblemen (dyslexie) bij het leren van een vreemde taal - Veronique Prins
Remedial Teacher, initiatiefneemster van het RAD (Rotterdamse Aanpak dyslexie) en Zwaan Project - Paulien van der Helm
Hogeschool Windesheim. Docent bij Opleidingen Speciale Onderwijszorg; dyslexiecoach/begeleider - Jos Smeets
Expertisecentrum Nederlands.
Adviseur en instructeur bij het gebruik van hulpmiddelen bij dyslexie (Kurzweil, Sprint, Daisy). - Joep van Vught
GZR-, Kinder- en Jeugdpsycholoog NIP en Remedial Teacher
Projectuitvoering
Vanaf de start van het project hebben verschillende medewerkers van de afdeling Onderzoek en Ontwikkeling van Dedicon aan dit project meegewerkt.
Speciale dank gaat uit naar Sijo Dijkstra en Martine van Ommeren.
Sijo heeft dit project opgestart en vervolgens - tot zijn vertrek bij Dedicon - voortvarend geleid.
Martine stapte aan het begin van dit project in en heeft het grootste deel van de onderzoekswerkzaamheden en de analyse van de resultaten uitgevoerd.
De afronding van het project is in handen geweest van Kathleen Asjes en Vincent de Jong.
Voor informatie over dit project kunt u contact opnemen met Eugenie Tilman.
Bronnen
Voor het project is er erg veel literatuur geraadpleegd. Zowel nationaal al internationaal. De belangrijkste bronnen die zijn gebruikt worden hieronder weergegeven:
Beacham, N., Szumkom J., Alty, J. (2003) An initial study of computer based media effects on learners who have dyslexia. York: Techdis/Loughborough University.
Benson, D., Elman, A., Nickell, S., Robertson, C.Z., (2004), GNOME Human Interface Guidelines 2.0. Boston: Free Software Foundation.
Dickinson, A., Gregor, P. & Newell, A.F. (2002). Ongoing investigation of the ways in which some of the problems encountered by some dyslexics can be alleviated using computer techniques. Proceedings of the fifth international ACM conference on Assistive technologies, 5, 97-103. Dos Santos Lonsdale, M., Dyson, M., Reynolds, L. (2006). Reading in examination-type situations: the effects of text layout on performance, Journal of Research in Reading, 4, 433-453. "Dyslexia Style Guide" (2007) British Dyslexia Association, Beschikbaar: http://www.bdadyslexia.org.uk/extra352.html (raadpleging: 15 maart 2008, laatste update 9 november 2007).
Hayward, S. (ed.) (2006). The Great Communication Guide. Maidenhead: 2080 partners.
Janssen, R. (2006). Dyslexievriendelijke boeken, een praktische leidraad voor uitgevers. Leusden: Lexima.
Koning, L. (2004). Dyslexieprotocol basisonderwijs naar voortgezet onderwijs. Lekkerkerk: Uitgeverij Pravoo.
O’Brien, B.A., Mansfield, J.S. & Legge, G.E. (2005). The effect of print size on reading speed in dyslexia. Journal of Research in Reading, 3, 332-349.
Rainger, P. (2003). A Dyslexic Perspective on e-content accessibility. Techdis: Key2Access Ltd.
Reynolds, L. & Walker, S. (2004). ‘You can’t see what the words say’: word spacing and letter spacing in children’s reading books. Journal of Research in Reading. 1, 87-98.
“Taaladvies” (2005) Nederlandse Taalunie, Beschikbaar: http://taaladvies.net/taal/advies/vraag/463/ (raadpleging, 2008, maart)
Walker, S. & Reynolds, L. (2000). Screen Design for children’s reading: some key issues. Journal of Research in Reading, 2, 224-234.
Walker, S. & Reynolds, L. (2000). Screen Design for children’s reading: some key issues. Journal of Research in Reading, 2, 224-234.